Tibetaanse Terrier

  • 9.0 - 11 kg
  • 36 - 41 cm
  • Tibet

De Tibetaanse Terriër is eigenlijk geen terriër maar een herdershond. Het is wel een sociale hond die niet van onverschillige bazen houdt. Het ras heeft zijn oorsprong in Tibet en net zoals de andere Tibetaanse rassen is het geen allemansvriend ondanks dat hij erg van gezelschap houdt. De echte liefhebber van een ‘TT’ weet de kwaliteiten van de Tibetaanse Terriër te waarderen en weet dat de Tibetaan een belangrijk plek in het gezin inneemt. Het is een levendige en vrolijke hond, waakzaam indien nodig en altijd vol beweging.

Doel

Herder, Gezelschap

Ontstaan

ancient times

Voorouders

lhasa apso, shih tzu, north kunlun mountain dog, inner mongolian dog

Geschiedenis

De Tibetaanse Terriërs hebben een lange voorgeschiedenis. Er is zelfs een beeldje gevonden tijdens opgravingen bij de stad Eridoe in Mesopotamië wat afkomstig is uit een periode van omstreeks 3000 jaar voor Christus en wat sprekend op deze Tibetaan lijkt. In dit gebied woonden destijds krijgszuchtige herdersstammen.

In Tibet is de Tibetaanse Terriër een geliefde hond voor de monniken, maar hij wordt ook ingezet als drijfhond bij een kudde. Net zoals als alle andere dieren is de Tibetaanse Terriër hier heilig. In de jaren twintig kwamen de eerste Tibetaanse Terriërs naar Europa. Dr. Agnes Greig bracht ze vanuit Tibet naar Groot-Brittannië. De Tibetaanse Terriër wordt in Tibet gezien als een geluksbrenger en hierdoor werden deze honden niet verkocht maar geschonken. In ieder geval werden de honden van dr. Agnes Greig de grondleggers voor de beroemde Lamleh-lijn.

De achtergrond van de honden uit de Lamleh-lijn ligt in de Tibetaanse kloosters en de Tibetaanse kuddehonden. Ze hebben een typerend warrig uiterlijk. In de latere jaren werden er ook steeds meer Tibetaanse Terriërs naar andere Europese landen geëxporteerd. De fokkerij Luneville van de familie Downey fokte een hond die wat eleganter was en sinds de jaren zestig is hier een toenemende belangstelling voor.

Uiterlijk

De Tibetaan is een stevige en middelgrote hond met lang haar. Hij is enigszins vierkant gebouwd en heeft een vastberaden uitdrukking. Vooral op zijn hoofd zit veel haar wat meestal naar voren valt zonder het zicht te belemmeren. Op de onderkaak heeft hij een kleine baard. De neus is zwart en de ogen staan redelijk ver uit elkaar. Zijn behaarde oren hangen. De ruim behaarde staart heeft een gemiddelde lengte en wordt met een krul op de rug gedragen. Soms heeft de punt een knik. Meestal heeft een volwassen reu een hoogte tussen de 35,6 en 40,6 centimeter. Teven zijn vaak wat kleiner.

De Tibetaan heeft een dubbele vacht die bestaat uit een fijne en wollige ondervacht en een gladde of licht gegolfde bovenvacht. Tibetaanse Terriërs zijn er in allerlei kleuren en iedere kleur is toegestaan behalve lever- of chocoladekleur. Meestal zijn ze wit, grijs, zwart, goudkleurig, crème of rookkleurig of een combinatie hiervan.

Verzorging

De vacht van deze hond vraagt om een consequente verzorging. Dat betekent regelmatig borstelen waar al mee begonnen moet worden als de hond nog een pup is. In eerste instantie met een zachte borstel om de pup te laten wennen aan het borstelen, later zijn er verschillende soorten borstels nodig. Borstel je de Tibetaanse Terriër te weinig dan is de kans groot dat hij gaat klitten en dan heb je nog maar één optie, namelijk de tondeuse.

Begin met borstelen altijd met de onderste laag. Met een grove houten kam kun je controleren of alle klitten eruit zijn. Pak daarna de bovenlaag en kam deze met een pennenborstel lekker los. Met een viltkam kunnen extreme klitten doorgesneden worden en met een dubbele tanden kam kun je de kleine loszittende klitten eruit halen en overtollige wol verwijderen. Ook het haar tussen de voetzolen moet regelmatig verwijderd worden. Dit kan het beste met een nagelschaartje gedaan worden.

Controleer tijdens het borstelen ook op vlooien, teken, te lange nagels en op oorontstekingen. Maak ook de ooghoeken regelmatig schoon en zorg dat de nagels niet te lang worden, vergeet hierbij ook het vijfde teentje aan de achterkant van de voorpoot niet. Zorg ook dat de haren bij de geslachtdelen niet te lang zijn en let op dat de anaalzakjes niet verstopt zitten. Is dit wel het geval dan kan de trimmer of de dierenarts ze eventueel leeg drukken. Natuurlijk is een goede gebitsverzorging ook belangrijk, plak moet eventueel verwijderd worden. Dit kan met haviksnavels of bij de dierenarts.

Karakter

Ook al heet het ras Tibetaanse Terriër, ze hebben niet de karaktereigenschappen van een terriër. Ze zijn van nature geen vechtersbazen of erg fel maar wel moedig en levendig. Tijdens een van de dolle buien is niets ze te gek. Normaal gesproken wekken deze honden eerder een kalme indruk en kijken ze eerst de kat uit de boom met vreemden.

Tibetaanse Terriërs kunnen goed overweg met kinderen, maar het zijn niet zulke goedsullen dat ze zich alles laten welgevallen. Als ze voortdurend aan hun lange haren of oren worden getrokken, dat vinden ze niet leuk. Maar er zijn maar weinig honden die dat wel leuk vinden. Het is dus belangrijk dat kinderen ook goed opgevoed worden als het gaat om hun gedrag ten opzichte van de hond en laat ze nooit zonder toezicht met de hond alleen.

De Tibetaan is een sociale hond die wel enige leiding nodig heeft. Hij moet ook zijn energie kwijt kunnen. Lange wandelingen door de bossen of over de velden zijn dus aan te raden. Krijgt hij te weinig beweging of aandacht dan zal hij dat zeker laten merken. Het zijn geen overdreven blaffers maar wel alert. Het is ook een nieuwsgierig ras wat graag op onderzoek uitgaat, dus een omheinde tuin is prettig. De Tibetaan is ook een behendige hond die al snel uitblinkt in bepaalde hondensporten zoals behendigheid of rally ringen.

Ontdek welk hondenras het best bij jou past

Beantwoord enkele vragen en wij zoeken op welk ras het best past bij jou persoonlijkheid en levensstijl!

© 2020 Honden.be Alle rechten voorbehouden.